Het lijkt extreem ouderwets om brieven te versturen of te ontvangen, net zoals het niet meer gangbaar is om een LP (een ronde vinyle muziekdrager)of zelfs een CD te kopen of af te spelen, een sms te versturen (we hebben WhatsApp), onderweg een papier kaart te lezen of een hotel te boeken via een reisbureau. We doen tegenwoordig alles snel en online. Maar blijft dat leuk? Wie hip of cool is kiest tegenwoordig ook af en toe voor nostalgie. Die koopt bijvoorbeeld een langspeelplaat van vinyl, schrijft een echte liefdesbrief op blauw papier en zoekt zijn weg op een oude landkaart. Geen robotje met een menselijke stem die zegt dat je bij de volgende afslag links of rechts af moet gaan. Gewoon de uitdaging aangaan en de spanning voelen of je het bij het rechte eind hebt. Op kans van verdwaling, maar wat is er (zonder tijdsdruk) spannender en leuker dan dat?
Ook zo'n liefdesbrief schrijven is reuze spannend. Niet alleen voor de schrijver, ook voor de ontvanger is het een geweldige ervaring. Mijn dochter was helemaal in de wolken toen ze, toen ik vroeg wat voor soort vriend hij was, giechelend opbiechtte dat hij haar een 'liefdesgedicht' voor haar had geschreven. Dat doe je natuurlijk niet via social media, zoals WhatsApp, Facebook, twitter of wat dies meer zij. Romantiek bestaat nog. Je moet wel weten hoe!
Wie beide wil combineren, ik bedoel: de nieuwe en de oude media, kan terecht op een aardige website: postcrossing.com
Hier kan je je aanmelden om een ansichtkaart te ontvangen van een wildvreemde, willekeurig gekozen persoon, die dan verwacht ook een ansichtkaart van jou te krijgen. Ik weet niet of je zo ook relaties kunt aanknopen, maar het idee is heel leuk en het sponsort de wegkwijnende postbedrijven in de wereld van vandaag. Wellicht is het ook een idee om brieven naar willekeurige mensen te schrijven, in de hoop dat je een minstens even mooie brief terugkrijgt.
Enige tijd geleden hadden wij met een clubje mensen afgesproken om elkaar handgeschreven brieven te gaan schrijven over een bepaald, door onszelf gekozen onderwerp. Deze brieven rouleerden dan volgens een vastgestelde route en zo werd het mapje van toegevoegde brieven net zo groot als ons kringetje was. We kwamen er echter achter dat het enthousiasme tanende was, naarmate de tijd verstreek en er vielen steeds mensen af of reageerden niet of te traag, zodat ons kringetje nu op leven na dood is. Het is jammer, je moet wel iets hebben om over te schrijven. Je moet iets te zeggen hebben. Anders kan je beter zinloos gaan twitteren of een berichtje plaatsen op een blog. En je moet een goede hand hebben om een pen langdurig vast te houden. Schrijven vergt oefening. Typen ook, maar dat is minder inspannend denk ik. Voorlopig houd ik het maar op deze blog, en stuur af en toe een kaartje naar een 'willekeurig' adres, het liefst ergens in een ver land, waar ze nog blij zijn met een oubollig ansichtkaartje met kleurige tulpen, staalblauwe luchten en boertjes op klompen.
zaterdag 23 mei 2015
dinsdag 27 januari 2015
Robby Robot
'Robby Robot op Ruimtereis' heet mijn nieuwe boek. Ik ben er bijzonder trots op! Het is een voorleesboekje voor kleuters over een ondeugend robotje dat van huis (de aarde) wegvliegt in zijn raketje en op de maan belandt. Het verhaaltje gaat in wezen over een kleuter die de wereld verkent en door zijn ongeruste mama gezocht wordt, dan spijt krijgt maar gelukkig gered wordt en ondanks zijn stoute gedrag liefdevol wordt opgevangen. Een bekend thema, verpakt in een nieuw jasje. Robotjes staan in de belangstelling, maar dat wist ik nog niet toen ik de rijmpjes schreef. Ik leek me gewoon leuk om een robot een ziel te geven, en te spelen met de ruimtevaart, de betoverende maan en wereld van de robots op aarde. Ruth Van Wichelen, de illustrator van het boek, benaderde mij voor heel iets anders. Ik was echter onder de indruk van haar stijl en zodoende maakte ik een afspraak met haar. Ze had er oren naar om de rijmpjes artistiek te verbeelden en samen bedachten we op een regenachtige dag in Antwerpen hoe het boek eruit zou moeten zien. Het formaat was het belangrijkste nieuwe element: dit moest het boek anders dan anders maken, samen met de geschilderde illustraties. Omdat ik zelf de maker en auteur van het boek ben, zal ik niet al te pedant schrijven over hoe mooi en prachtig het boek wel niet is.
Één ding wil ik wel kwijt: Ruth Van Wichelen bezit een uniek en bijzonder talent voor het illustreren van kinderboeken. Hoewel 'Robby Robot op Ruimtereis' haar debuut is, en ik niet weet of er nog een vervolg komt, ben ik er zeker van dat voor haar een glansrijke carrière is weggelegd als zij fulltime illustrator zou worden. Het is wel zeker dat we nog meer van haar zullen zien.
Uitgever: Uitgeverij BLOP
Schrijver: Reynier Molenaar
Illustrator: Ruth Van Wichelen
Afmetingen: 13x499x207 mm
Gewicht: 843 gram
Geschikt voor: 3 - 6 jaar
Druk 1
ISBN10 9081812130
ISBN13 9789081812139
Prijs: 19,95
HARDCOVER
Voorbeeld recensie: Kiddowz
Één ding wil ik wel kwijt: Ruth Van Wichelen bezit een uniek en bijzonder talent voor het illustreren van kinderboeken. Hoewel 'Robby Robot op Ruimtereis' haar debuut is, en ik niet weet of er nog een vervolg komt, ben ik er zeker van dat voor haar een glansrijke carrière is weggelegd als zij fulltime illustrator zou worden. Het is wel zeker dat we nog meer van haar zullen zien.
Uitgever: Uitgeverij BLOP
Schrijver: Reynier Molenaar
Illustrator: Ruth Van Wichelen
Afmetingen: 13x499x207 mm
Gewicht: 843 gram
Geschikt voor: 3 - 6 jaar
Druk 1
ISBN10 9081812130
ISBN13 9789081812139
Prijs: 19,95
HARDCOVER
Voorbeeld recensie: Kiddowz
Labels:
illustrator,
kleuters,
maan,
Reynier Molenaar,
rijm,
Robby Robot,
robot,
ruimtereis,
ruimtevaart,
Ruth van Wichelen,
talent,
voorleesboekje
zondag 4 januari 2015
Domme pech: toeval bestaat niet
Een recente publicatie in het tijdschrift Science was wereldnieuws: kanker is domme pech: onderzoekers vonden dat de kans op deze vreselijk dodelijke ziekte fors toeneemt naarmate stamcellen zich vaker delen. Er is gekeken naar hoeveel stamceldelingen gedurende het leven in bepaalde typen leven voorkomen en hoe vaak in die weefsels kanker optreedt. Een onderzoeksteam van de Amerikaanse John Hopkins University onderzocht 31 verschillende kankertypen. Wat bleek? Maar liefst 22 daarvan, waaronder leukemie, hersen-, teelbal- eierstokkanker, kunnen worden verklaard door willekeurige DNA-mutaties tijdens een normale celdeling. Deze gevallen van kanker zijn volgens de onderzoekers dus simpelweg het gevolg van 'domme pech'.
Afgezien van het feit dat er nogal wat af te dingen is aan dit onderzoek (*Bart Kiemeney, hoogleraar Kankerepidemiologie aan de Radboud UMC te Nijmegen heeft zijn twijfels aangezien de testpopulatie puur Amerikaans is, terwijl Amerikanen bijvoorbeeld gemiddeld ongezonder eten maar minder roken en blootstaan aan zon dan Europeanen/Nederlanders)is het de vraag of er zoiets wel bestaat als 'domme pech'.
Een filosofische vraag, want iedereen kent uit zijn eigen leven wel een of andere situatie die we zelf graag met 'domme pech' zullen betitelen. Een lekke band 'in the middle of nowhere', het te laat komen bij een kaartverkoop van The Rolling Stones, of een plotselinge kiespijn voor een belangrijke dag. Domme pech, ja. Maar is die domme pech automatisch toeval? Wat is pech? Is pech zonder oorzaak? Moet je accepteren dat iets 'geen oorzaak' heeft? Je kunt accepteren dat je zo dom was om die band van je auto niet nagekeken te hebben, je niet eerder naar het verkooploket bent gerend, of niet op tijd naar de tandarts bent geweest. Dat zijn dus in werkelijkheid 'vermijdbare' pechgevallen, waarbij de oorzaak duidelijk is. De vraag is: zijn er dan ook onvermijdelijke pechgevallen? Zijn er ook pechgevallen 'zonder oorzaak'? In een wereldbeeld waarbij alles een oorzaak heeft is dat per definitie ondenkbaar. We gaan altijd op zoek, soms door middel van ongelooflijk fijnmazig wetenschappelijk onderzoek, naar oorzaken. Dat doen we om te begrijpen hoe een proces in elkaar zit en daarmee eventuele gevolgen in het vervolg c.q. de toekomst te kunnen vermijden.
Nemen we het genoemde Amerikaanse onderzoek naar kanker, dan suggereert het artikel in Science dat er toevallige fouten bestaan in de stamceldelingen, en dat bij toename van die stamceldelingen meer 'fouten' ontstaan, en aldus kanker (celwildgroei) veroorzaken. Ook prof. Kiemeney heeft zijn twijfels: "Er zullen vast meer zwakke oorzaken zijn, dan we kunnen vinden. Wie zegt mij dat de aardappelen die ik tien jaar geleden heb gegeten geen kanker kunnen veroorzaken? Zoiets is heel moeilijk, zo niet onmogelijk te achterhalen." (interview in Trouw, zaterdag 3 januari 2015)
Inderdaad, Kiemeney zegt in wezen dat ook al is iets moeilijk, of (in de huidige tijd) onmogelijk te achterhalen, er altijd een reden KAN zijn waarom cellen plotseling kunnen gaan woekeren.
"De kans op kanker"
In 2012 werd in Nederland ruim 101.200 keer de diagnose 'kanker' gesteld. Bijna 44.000 mensen stierven dat jaar aan de gevolgen van kanker.
De kans om kanker te krijgen is voor zowel mannen als vrouwen onder de 50 kleiner dan 10%. Daarna loopt het op, tot 15% voor vrouwen en 25% voor mannen van 80 jaar. Een op de vijf mannelijke kankerpatiënten heeft prostaatkanker. Bij vrouwen komt borstkanker het vaakst voor (30%). (naar: Trouw, 3-1-15)
Pech? Als je 100% gezond geleefd had, had je misschien geen kanker gehad. Hoe weet je dat je 100% gezond leeft? Het ontbreken van voldoende wetenschappelijke kennis over hoe je 100% gezond kan leven is er niet en die ene hete aardappel uit het Zeeuwse Borssele die over 30 jaar kanker kan veroorzaken, daarvan ben je je niet bewust. Om te zeggen dat sommige kankers 'domme pech' zijn gaat te ver: het is nooit uit te sluiten dat iets wel een oorzaak heeft. Het is ook arrogant om dat te veronderstellen en wetenschappelijk onverantwoord. We weten iets nu niet, kunnen het niet achterhalen maar dat betekent niet dat we dat in de toekomst niet kunnen. We konden 100 jaar geleden ook gissen naar de oorzaken van bepaalde ziekten, natuurverschijnselen, chemische of natuurkundige fenomenen, terwijl een hoop van die toenmalige raadsels inmiddels deels of geheel zijn opgelost. Voortschrijdend inzicht heet zoiets.
Toeval? Toeval is een rariteit waar iedereen door gefascineerd is. Toeval is een bijzondere samenloop van omstandigheden. Maar aangezien alles een oorzaak zal hebben, ook al is die oorzaak niet direct aanwijsbaar is toeval per definitie niet meer dan een eyecatcher. In feite is het een begrip waar de wetenschap niets mee kan. Een bijzondere benaming voor iets wat we gerust kunnen vergeten, als we rationeel en wetenschappelijk willen blijven denken. Er is geen toeval of pech. Er is namelijk altijd een oorzaak van dingen. En ook al weten we die nu nog niet, er komt misschien wel een tijd dat die aan het licht zal komen. Uit ongeduld genoegen nemen met de term 'toeval' is wel leuk, maar niet voor een wetenschappelijk hoog aangeschreven tijdschrift als 'Science'.
Labels:
celwoekering,
DNA-mutaties,
domme pech,
filosofie,
kanker,
Kiemeney,
oorzaak,
pech,
Science,
stamcel,
toeval
zaterdag 19 april 2014
FILOSOFIE VOOR PUBERS
Kinderen in de puberteit zijn nieuwsgierig. Ze willen weten wie ze zijn en wat de wereld hen te bieden heeft. Hun hersenen draaien overuren. Volwassenen die met deze adolescenten te maken hebben, ondervinden daarom vaak problemen met hen. Hun gedrag laat te wensen over vanwege de (soms erg zorgwekkende) keuzes die ze maken. Dat heeft met dat 'ontdekken' te maken. De 'nieuwe' wereld van hun generatiegenoten lijkt ineens belangrijker dan wat ze door de strot geduwd wordt vanuit de 'saaie oubollige' maatschappij en het ouderlijk gezag. Maar vlak ze niet uit, die jonge denkertjes. Ze zijn snel van begrip. Adolescenten zijn vaak vele malen creatiever, idealistischer en vindingrijker dan volwassenen. Ze hebben alleen andere prioriteiten dan hun ouders.
Filosofie geeft niet direct antwoorden op hun vragen, maar biedt hen wel een instrument om met onderzoekende blik een rustig, evenwichtig beeld te scheppen van de wereld om hen heen. Het is niet erg als je jezelf vragen stelt en zelfs niet als je maar eindeloos blijft twijfelen. Dat doen zelfs de grootste filosofen. Sterker nog, het is hun vuistregel, hun plicht!
In de afgelopen paar jaren schreef ik een boek over de beginselen van de filosofie voor deze doelgroep van adolescenten: "HET DIKKE DENKBOEK." Wat hield deze ambitieuze onderneming in? In plaats van al te moeilijke termen en begrippen te gebruiken, leek het mij zinvoller om vragen te onderzoeken die ook bij jongeren (zouden kunnen) leven.Het moest, vond ik, een boek worden om deze jongeren te prikkelen tot kritisch denken en het aangaan van dialogen. Op een onderhoudende manier, met humor en leuke anekdotes en af en toe een casus. Dat bleek geen eenvoudige opgave, maar het was wel superleuk of beter gezegd 'vet' om daarmee bezig te zijn. Eindelijk is het nu zover. Het boek is deze week (rond Pasen 2014) uitgekomen en reeds volop in de picture. Men tweet en retweet, deelt facebook-pagina's en stuurt mailtjes met felicitaties. Nu moet ook de verkoop nog goed gaan, dan komt mijn droom helemaal uit.
Filosofie heeft in Nederland een enorme belangstelling gekregen de laatste jaren en dat is ook in het buitenland opgevallen: nergens wordt zoveel gefilosofeerd als in ons land. Op middelbare scholen is het inmiddels bijna gemeengoed en er verschijnen wekelijks nieuwe titels van hedendaagse filosofen in ons taalgebied. De vraag is: hebben we hier nu wat aan, of is het niet meer dan een modeverschijnsel? Volgens mij ligt de zin van filosofieonderwijs vooral in het feit dat al op een jonge leeftijd kennis wordt bijgebracht om goed te lezen, goed na te denken en wetenschappelijk te werk te gaan. Daarmee hebben de filosofieleerlingen een streepje voor in het vervolgonderwijs en in de veeleisende maatschappij waar beslissingen moeten worden afgewogen op rationele gronden en op een wetenschappelijke manier. Maar liefst 85% van de afgestudeerde filosofiestudenten heeft binnen 1,5 jaar een baan. In deze tijd is dat niet niks: het is in ieder geval een bewijs dat filosofie als vak ten volle wordt gewaardeerd in onze maatschappij. Gelukkig maar.
Voor de kinderen zelf en voor hun verdere leven, ook al gaan ze geen filosofie studeren, is het handig om goede definities paraat te hebben van wat vrijheid nu eigenlijk inhoudt, of welke zaken meespelen in de ethiek van bijvoorbeeld het strafrecht of bij milieukwesties of in de medische zorg. Noem maar op, overal komen we dilemma's en moeilijke kwesties tegen. De maatschappij die steeds meer ruimte biedt aan het individu, zadelt hem of haar daardoor op met belangrijke kwesties waar hij of zij over na moet denken. Overheid of andere autoriteiten zoals scholen lijken hun gezag in opvoeding en guidance te zijn verloren. We moeten het voortaan zelf allemaal uitzoeken.
"Het Dikke Denkboek" kan een eerste aanzet zijn om kinderen te interesseren en enthousiast te maken voor filosofie. Dat hoop ik met hoofd en hart: er wordt tegenwoordig mede dankzij de nieuwe media zoals YouTube en vele forums erg veel onzin verkondigd. Van complottheorieën ('9-11 was opgezet door de CIA') tot ontkennende beweringen over de Holocaust, over geloofskwesties ('varkensvlees is aantoonbaar slecht voor je gezondheid') en kwakzalverij, bijgeloof, enzovoorts. Jonge mensen zijn erg beïnvloedbaar en zouden deze zaken voor lief kunnen nemen terwijl het vrij eenvoudig is om aan te tonen dat redeneringen niet kunnen kloppen en/of verifieerbaar zijn, als we maar weten welke vragen we moeten stellen en aan welke voorwaarden wetenschap en kennis moeten voldoen.
Laatst sprak ik iemand die tegen mij zei: 'Ja, het is wel leuk wat je daar vertelt, maar die wetenschap van jou kan het ook mis hebben.' Ik heb deze persoon nu mijn boek gegeven en verteld, dat als hij het helemaal uitgelezen heeft, we het er nog een keer opnieuw over zullen hebben. Misschien een beetje arrogant van me om niet uit te leggen wat de definitie van wetenschap precies is, maar ja, ik was een beetje moe van het vechten tegen de bierkaai.
Filosofie zal heus niet bij iedereen aanslaan. Het is een discipline die je moet liggen en waar je geduld voor moet hebben (zei hij, die zijn geduld had verloren). Bij het beoefenen van filosofie moet je je niet te gauw tevreden stellen met een antwoord, want juist dat is de gruwel van elke serieuze filosoof.Voor alle duidelijkheid: ik ben geen filosoof maar een schrijver en redacteur van (o.a.) kinderboeken. Ik onderken wel de waarde van filosofieonderwijs en hoop mijn steentje op dat vlak te hebben bijgedragen. Het manuscript is bewerkt en geredigeerd door drs. Norma Montulet (filosofiestudie aan de Universiteit Nijmegen) en Fabien van der Ham, een kinderboekenschrijfster die veel op scholen werkt en die voor haar originele ideeën om met kinderen te filosoferen in 2012 de Berrie Heesenprijs ontving. Het Dikke Denkboek is te koop via boekhandel of op internet via bijvoorbeeld Libris.nl of Bol.com, Ako.nl en kost € 16,95. ISBN: 978-90-818121-2-2 De tekeningen uit het boek zijn van Sieger Zuidersma.
Er is ook een website van het Dikke Denkboek: www.hetdikkedenkboek.nl
Ik ben beschikbaar voor vragen via de mailbox van de uitgeverij: info@uitgeverijblop.nl
Naschrift van mij (januari 2015): Het boek is een rage geworden, lijkt het. Een bewijs dat (flauwe) humor en (serieuze) filosofie heus wel goed samengaan!
dinsdag 15 april 2014
De parabel van het paradijs
[op houten paneel geschilderd door Lucas Granach de Oudere (plm. 1513/1515)]
De Hof van Eden was volgens de Bijbel de perfecte en prachtige plaats waar de eerste mensen, Adam en Eva verkeerden.
Volgens het Bijbelboek Genesis, het tweede hoofdstuk, lag de hof in Eden, in het oosten. In de hof ontsprong een rivier die zich in vieren splitste, in de Pison, de Gichon, de Tigris en de Eufraat.
De referentie in de Bijbel is vrij concreet: de Tigris en Eufraat bestaan nog steeds en de stroomgebieden van deze rivieren bevinden zich tegenwoordig in Irak, Syrië en Turkije. Nu denk je bij dat gebied niet snel aan de paradijselijke begintijden van Adam en Eva. Een kleitablet in spijkerschrift dat werd gevonden in de stad Nippoer, de religieuze hoofdstad van het Soemerische rijk, verhaalt van een mythe waarin een paradijselijke land bestond waar ziekte noch dood voorkwam.
In deze mythe is ook sprake van een ‘rib’ van de watergod Enki, die beschadigd raakt maar waaruit de moedergodin van de aarde Ninhursag een godin liet voortkomen (naast nog zeven andere lichaamsdelen) om hem te genezen.
De godin die uit deze rib voortkwam heette Ninti, een naam die zich laat vertalen als ‘de dame van de rib’ maar ook als ‘de dame die leven maakt’. Deze dubbele betekenis is alleen in het Soemerisch geldig. In de taal van de Bijbel werkt zij niet. Maar als we de naam Eva vertalen, wordt de vertaling wel weer logisch, want die naam betekent eveneens ‘zij die leven maakt’. En zo is ook verklaarbaar waarom de tamelijk vreemde passage waarin Eva uit de rib van Adam geboren is, in het Bijbelverhaal is opgenomen.
Uit de Statenvertaling van de Bijbel:
Het is uitermate interessant om de Bijbel te bestuderen en parallellen te zien met de eeuwenoude verhalen zoals het Gilgamesj epos of de Egyptische mythe van Isis en Osiris, of die met de werken van Griekse filosofen. Dat zegt wat over de rijkdom van de Bijbel en het zoeken naar wijsheid van deze vroege literatoren.
In het kleitablet van Nippoer komen trouwens ook de namen Eden en Adam voor. Adam betekent in het Soemerisch zoiets als ‘nederzetting op de vlakte’ terwijl Eden verwijst naar ‘ongecultiveerde vlakte.’
De Hof van Eden was volgens de Bijbel de perfecte en prachtige plaats waar de eerste mensen, Adam en Eva verkeerden.
Volgens het Bijbelboek Genesis, het tweede hoofdstuk, lag de hof in Eden, in het oosten. In de hof ontsprong een rivier die zich in vieren splitste, in de Pison, de Gichon, de Tigris en de Eufraat.
De referentie in de Bijbel is vrij concreet: de Tigris en Eufraat bestaan nog steeds en de stroomgebieden van deze rivieren bevinden zich tegenwoordig in Irak, Syrië en Turkije. Nu denk je bij dat gebied niet snel aan de paradijselijke begintijden van Adam en Eva. Een kleitablet in spijkerschrift dat werd gevonden in de stad Nippoer, de religieuze hoofdstad van het Soemerische rijk, verhaalt van een mythe waarin een paradijselijke land bestond waar ziekte noch dood voorkwam.
In deze mythe is ook sprake van een ‘rib’ van de watergod Enki, die beschadigd raakt maar waaruit de moedergodin van de aarde Ninhursag een godin liet voortkomen (naast nog zeven andere lichaamsdelen) om hem te genezen.
De godin die uit deze rib voortkwam heette Ninti, een naam die zich laat vertalen als ‘de dame van de rib’ maar ook als ‘de dame die leven maakt’. Deze dubbele betekenis is alleen in het Soemerisch geldig. In de taal van de Bijbel werkt zij niet. Maar als we de naam Eva vertalen, wordt de vertaling wel weer logisch, want die naam betekent eveneens ‘zij die leven maakt’. En zo is ook verklaarbaar waarom de tamelijk vreemde passage waarin Eva uit de rib van Adam geboren is, in het Bijbelverhaal is opgenomen.
Uit de Statenvertaling van de Bijbel:
[21] Toen deed de HEERE God een diepen slaap op Adam vallen, en hij sliep; en Hij nam een van zijn ribben, en sloot derzelver plaats toe met vlees.Dat er nog steeds mensen zijn die deze verhalen uit de Bijbel, die door vroegmiddeleeuwse geleerden en schrijvers/vertalers samengesteld zijn uit oude mythen uit het Nabije Oosten, letterlijk nemen, en deze zelfs als enige waarheid boven elke wetenschappelijke grondslag verheven achten, is voor mij een compleet raadsel. De Bijbel is een literair werk dat niet geschreven is om de teksten letterlijk te nemen. Ze staan immers vol met parabels en verwijzingen en niet met geschiedkundige feiten. Om het nog maar niet te hebben over onnauwkeurigheden in aantallen jaren, of vrije interpretaties c.q. onzorgvuldigheden van deze vroege Bijbelvertalers.
[22] En de HEERE God bouwde de ribbe, die Hij van Adam genomen had, tot een vrouw, en Hij bracht haar tot Adam.
Het is uitermate interessant om de Bijbel te bestuderen en parallellen te zien met de eeuwenoude verhalen zoals het Gilgamesj epos of de Egyptische mythe van Isis en Osiris, of die met de werken van Griekse filosofen. Dat zegt wat over de rijkdom van de Bijbel en het zoeken naar wijsheid van deze vroege literatoren.
In het kleitablet van Nippoer komen trouwens ook de namen Eden en Adam voor. Adam betekent in het Soemerisch zoiets als ‘nederzetting op de vlakte’ terwijl Eden verwijst naar ‘ongecultiveerde vlakte.’
woensdag 6 november 2013
Rara, welk dier is dat?

Dit jaar (2013) is het jaar van het voorlezen. In november 2013 verscheen het bovenstaande kinderboek: 'Rara, welk dier is dat?' bij uitgeverij BLOP uit Hilversum. Het is een grappig en mooi uitgegeven voorleesboekje voor kinderen vanaf 3 jaar. De kleurrijke en cartooneske illustraties zijn van de hand van Maarten Wolterink. Het concept is dat kinderen aan de hand van versjes en plaatjes moeten raden welk dier er bedoeld wordt. De versjes zijn geschreven door Reynier Molenaar en bewerkt door Sylvia Vanden Heede, de schrijfster van dierenverhalen zoals Vos en Haas (o.a. bekroond met de Zilveren Griffel), Hond, Wolf en Kat, Hond bijt Wolf , en Koek Koek Vos en Haas.Kinderen houden ervan om te raden. Ook vinden ze rijmpjes leuk, ze maken er zelf ook soms nog woorden bij die hetzelfde klinken. Ze bekijken de plaatjes en willen onthouden welk dier waar bijhoort. Als het verhaal uit is, vinden ze het vaak heerlijk als je het verhaal nog een keer voorleest. En nog een keer… en nog een keer. Het is een groot feest der herkenning. Eigenlijk zijn dit soort boekjes het leukst: samen lezen en praten over wat je ziet. Dieren lenen zich ook prima voor imitaties: het gegrom, gesis, geblaf doen ze maar al te graag na.
Een onderwijzeres vertelde me dat dit boekje ideaal was om in de klas te gebruiken als voorleesboek. Ik geloof het graag. De plaatjes en versjes hebben soms een lichte absurditeit, waardoor het op je lachspieren werkt, hoewel ze voor ons volwassenen logisch zijn:
bij de aap:
Ik ben handig met mijn voeten
en slinger vaardig met mijn staart
Ik heb niet jouw mooie sproeten
en ben niet zo schaars behaard
en de olifant:
Ik ben een reus met grote oren
In plaats van reuzenhanden
heb ik een lange slurf van voren
en twee lange kromme tanden
Voor wie kleine kinderen heeft, is dit een aanrader en als cadeau een gegarandeerd succes. De prijs is heel netjes voor een gebonden boek van 80 pagina's: € 16,95. Het is online te bestellen via Ako, Polare, Bruna of Bol.com of via de reguliere boekhandel. ISBN: 9789081812115.
Recensies op internet: Op schrijverspunt.nl
of op: boekenbijlage.nl
Maar er staan soms ook commentaren van lezers bij de zoekpagina van internetboekhandels zoals Bruna.nl of Bol.com
Website: www.uitgeverijblop.nl (klik door naar Productenlijst)
zondag 15 september 2013
Alles op de fiets
Het tijdperk van de auto is voorbij. De toekomst is bepaald voor de fiets. Met een snelheid van 133,78 km per uur heb je geen motor meer nodig. Dat wil zeggen: je eigen spieren zijn voldoende. Een beetje goed eten van tevoren en een glaasje melk misschien. Sebastiaan Bowier van het Human Power Team Delft/Amsterdam heeft het bewezen: je kunt ook op pure spierkracht zo snel vooruit komen. Hij verbrak in ieder geval het wereldrecord snelfietsen en is daarmee de snelste fietser op aarde, waardig genoeg om vermeld te worden in het Guinness Book of World Records.
Het record werd bereikt op een kaarsrechte, verlaten weg in de woestijn van Nevada in de VS.
Zijn fiets, die door een team studenten van de Technische Universiteit Delft (Lucht- en Ruimtevaarttechniek) en de Vrije Universiteit Amsterdam (Bewegingswetenschappen) is ontwikkeld, ziet er een beetje raar uit. Qua vorm een beetje als een mangopit eigenlijk, lang en smal en (in tegenstelling tot een mangopit) bijzonder aerodynamisch. En met de reclame van PostNL op de voorkant van de VeloX3, want zo heet die mangopit, krijg je allerlei fantasieën over de toekomstige postbezorging.

"Vergeleken met een normale fietser heeft ons ontwerp maar één tiende van de weerstand. Ook is er gebruik gemaakt van een speciale coating van Akzo Nobel uit de Formule 1 wereld die de VeloX3 een extreem lage luchtweerstand geeft”, verklaart Wouter Lion, de teamleider van het Human Power Team.
Dat de wetenschap een duidelijke meerwaarde heeft op het gebied van sport, blijkt wel uit de computersimulaties, die onontbeerlijk bleken voor het uiteindelijke resultaat: ze lieten zien hoe hard de recordfiets bij een bepaald geleverd vermogen zou moeten gaan.
“Uit de meetresultaten van de recordpogingen eerder deze week bleek er een groot probleem te zijn met de fiets waardoor er geen hoge snelheid behaald kon worden”, vertelt Wouter Lion. De computersimulaties gaven aan dat er veel sneller gefietst had moeten worden, na een grondige analyse van de data bleek het probleem in de aerodynamica te zitten. “Tijdens het trappen in de VeloX3 blijkt de aerodynamische fiets te vervormen door de geleverde kracht”, vertelt Lion. De studenten wisten gelukkig een slimme oplossing te verzinnen waardoor gisteren uiteindelijk het probleem verholpen kon worden. Zie hier het verbluffende resultaat:
zondag 4 augustus 2013
Blokverwarming, een blok aan mijn been
Mijn energierekening van afgelopen seizoen was flink hoger. Ik moest zo’n 800 euro bijbetalen. Daar gaat de vakantie. Gelukkig is het deze zomer warm genoeg, zodat ik lekker op vakantie ga in BALKONIË. Tja, toch is het zonde van die 800 euri. Een hoge rekening is niet raar, we hadden tenslotte ook een koude winter, maar… de rekening zou een stuk lager zijn geweest als ik geen blokverwarming had gehad en de bediening van mijn verwarming meer in eigen hand zou hebben gehad. Als huurder ben je aan handen en voeten gebonden wat betreft het verwarmingssysteem.
Helaas woon ik in een huurhuis (onderdeel van kleinschalig appartementengebouw) en heb ik blokverwarming. Bij blokverwarming betaalt iedereen een bepaalde hoeveelheid (in mijn geval 35%) vaste kosten en wordt de rest van de kosten omgeslagen via de warmtemeters. In de woonkamer heb ik twee radiatoren met een behoorlijke capaciteit. Echter, deze kan ik alleen maar regelen via de radiatorknop (ik zet ‘m vaak op stand 3), ’s avonds zet ik ‘m uit, ook ’s winters. De radiatoren worden soms maar voor een deel warm, het achterste deel blijft dan kouder. Er is dus geen optimaal rendement, ook niet als ik regelmatig ontlucht.
Warmte gaat ook verloren, via de leidingen en via het ketelhuis. Omdat de ketel in de kelder van het gebouw staat, in het verre andere deel van het gebouw, zijn er woningen die extra profiteren van de stralingswarmte van het ketelhuis. Zij betalen vrijwel niets (een luttele 40 à 50 euro per maand), terwijl ik vier keer zoveel kwijt ben (ik vermeld er voor de eerlijkheid bij dat ik als een van de weinigen een groter huis heb met twee verdiepingen). Mijn woning is gelegen op het meest windgevoelige deel van het gebouw, en aan één zijde begrensd via een muur van de gevel die ongeïsoleerd is. Ik krijg dus ook te maken met een koudebrug waardoor veel warmte verloren gaat.
Het bouwjaar van mijn woning is 1975 of 1976 als ik het goed heb. Toen werd er nog gebouwd zonder isolatie of thermo beglazing. Inmiddels is er door de huurbaas wel dakisolatie en dubbel glas (helaas geen HR++ glas!) aangebracht, wat het comfort heeft verhoogd. Maar het verwarmingssysteem is ouderwets. Blokverwarming zorgt niet voor een eerlijke verdeling van kosten en voor energieverspilling. Leidingen zijn niet geïsoleerd waardoor er veel warmte verloren gaat. Aan dat warmteverlies betaal je mee via de gasrekening.
Omdat gas gekoppeld is aan de olieprijs, en de olieprijs elk jaar stijgende is, betaal je steeds meer aan verwarmingskosten. Dit is een grote zorg, vooral in de sociale huursector. Hoe moet je als je zo weinig verdient straks je huis verwarmen als de olie steeds maar schaarser wordt en dus duurder?
Een mogelijke deeloplossing zou zijn dat ieder huurhuis zijn eigen energiezuinige ketel krijgt en die megagrote radiatoren uit de jaren zeventig worden vervangen door kleinere, zuinigere. Ik durf te wedden dat Nederland nog vol staat met deze ouderwetse ketels en sterk achterhaalde verwarmingssystemen.
Het heeft zo’n 10 jaar geduurd voor de overheid om tot een Warmtewet (ingaande 1 januari 2014) te komen, die consumenten beschermt tegen te hoge tarieven voor gas, onacceptabele storingen en niet-transparante leveranciers van gas. Volgens de woordvoerder energie van de SP (Socialistische Partij) Paulus Jansen biedt deze nieuwe wet echter onvoldoende bescherming tegen te hoge energierekeningen. Dit feit is een van de redenen waarom hij minister Blok heeft voorgesteld om het Burgerlijk Wetboek zodanig aan te passen, dat verhuurders te allen tijde moeten meewerken aan het doen van rendabele investeringen in energiebesparing.
Helaas heb je als huurder geen vrije keuze als er sprake is van blokverwarming. Blokverwarming is een blok aan het been! Maar misschien brengt minister Blok hier verandering in?
zondag 5 mei 2013
De microkredieten van Máxima

Al jaren zet onze kersverse Koningin zich in voor de zogenaamde microfinanciering. Met maximale inspanningen, neem ik aan. Microfinanciering bedient zich van middelen die beschikbaar worden gesteld vanuit de bancaire wereld ten behoeve mensen die daar bij gewone banken geen toegang toe hebben. Meestal gaat het om microkredieten: relatief kleine startkapitalen en leningen voor een eigen onderneming, bedoeld voor mensen in voornamelijk ontwikkelingslanden.
Een loffelijk streven, dat alom lauweren en applaus verdient. Zo zelfs, dat Muhammad Yunus, een Bengaalse pionier in microkredieten en oprichter van Grameen Bank, hiervoor in 2006 de Nobelprijs voor de Vrede ontving.
Het zou DE oplossing voor de armoede in de wereld kunnen zijn ware het niet, dat investeerders en zelfs reguliere banken met zijn initiatief aan de haal zijn gegaan. Dit had tot gevolg dat in de laatste paar jaar wildgroei ging ontstaan in deze vorm van kredietverlening zonder dat het oorspronkelijke doel waar het om ging, bestrijden van armoede, werd bereikt. Helaas wordt de grootste groep microkredietleners er niet rijker op, en niet zelden zelfs armer.
Hoe komt dat? Dezelfde Yunus verwijt de investeerders en banken in een artikel dat twee jaar geleden in de New York Times verscheen, dat zij zich als geldwolven hebben ontpopt door hoge rentes te vragen waardoor de arme geldleners hun lening niet meer kunnen terugbetalen. Gevolg: sociale onrust, schuldgevoelens, ontwrichting van levens en zelfs nog een stuk erger. Feit: in India pleegden in 2010 maar liefst 50 vrouwen zelfmoord omdat ze niet meer wisten hoe ze hun microkredieten terug moesten betalen. Op de website van mftransparency.org (een organisatie die microfinanciering in kaart brengt)valt te lezen dat veel banken hun rentetarieven veel te hoog hebben gesteld. In sommige landen loopt de rente zelfs tot astronomische getallen op, hoewel de inflatie maar enkele procenten bedraagt. Bij de FINCA-bank in dat land kan je rekenen op een debetrente van 248 procent. Is dat nog zuivere koffie? Het hele idee van Yunus wordt hiermee niet alleen om zeep geholpen, het wekt ook nog eens de vraag wie er achter zulke kredietverstrekking schuilen. Deze maffia-achtige praktijken van kredietverlening doen eerder denken aan georganiseerde misdaad. FINCA is een Amerikaanse kredietverlener, maar in naam een non-profitorganisatie! De organisatie krijgt ook fondsengeld vanuit Nederland: o.a. Oxfam-Novib, SNS Bank en ASN.
Voor Maxima hoop ik dat zij deze problemen van commerciële besmetting op het terrein van microfinanciering kan terugdringen en het oorspronkelijke idee van Yunus, namelijk kleine leningen verstrekken aan mensen die het ook terug kunnen betalen (een principe overigens dat ook in de Westerse wereld geldt)weer onder de aandacht brengt.
Als we microfinanciering en kredietverlening in het algemeen serieus willen nemen, dienen we mijns inziens uit te gaan van een win-winsituatie tussen partners, waarbij vertrouwen het sleutelwoord is.
SMART
SMART, een initiatief van Deutsche Bank, is een organisatie die microkredietleners probeert te beschermen (vnl. via voorlichting). Bij deze organisatie sloten zich meer dan tweeduizend instellingen uit de sector zich aan. De directeur van FINCA zit in het bestuur.
woensdag 17 april 2013
Het kristal van Alderney

In een scheepswrak van een Engels oorlogsschip uit 1592 hebben duikers in het Engels Kanaal een buitengewoon object opgedoken, dat van groot historisch belang is: de legendarische zonnesteen.
Het stuk melkwitte IJslandse calciet, het kristal van Alderney genoemd naar de vindplaats (dichtbij een van de kanaaleilanden), wordt door wetenschappers verondersteld van belang te zijn geweest voor de navigatie op volle zee.
Voordat het kompas werd uitgevonden, moest men bij een bewolkte hemel of bij mist kunnen navigeren en dat was lastig als de zon niet zichtbaar was. De Vikingen en hun opvolgers uit de middeleeuwen gebruikten waarschijnlijk een zonnesteen, waarmee men de positie van de zon toch kon bepalen ondanks het feit dat de zon niet direct zichtbaar was. De steen fungeerde als een soort zonnekompas doordat hij vrij nauwkeurig de richting van de zon kon bepalen. Hij bezat namelijk de natuurlijke eigenschap om het licht te kunnen breken in lichtbundels wanneer je hem in het daglicht hield.
Er bestaat een IJslandse legende over de zonnesteen: de Noorse sage van St. Olaf. Deze 13e-eeuwse legende maakt gewag van de 11e-eeuwse koning Olaf die de zonnesteen gebruikt om de positie van de zon te peilen op een besneeuwde dag. Tot nu toe was er geen bewijs voor dat zo’n zonnesteen ooit had bestaan. Er was nooit een steen aangetroffen in Vikinggraven of gezonken Vikingschepen en was er dus geen hard bewijs die de theorie ondersteunde.
Vikingen stonden bekend als uitstekende navigators op volle zee. Zij deden dat met behulp van de zon, de sterren, de bergen en zelfs door middel van rondtrekkende walvissen. Toch hebben sommigen zich afgevraagd hoe ze in staat waren om de lange stukken open water tussen Groenland, IJsland en Newfoundland te bevaren. Albert Le Floch van de universiteit van Rennes in Frankrijk denkt nu dat het dit stuk calciet is dat hen leidde. Het gebruik kan zijn blijven bestaan tot aan de zestiende eeuw. In die tijd werden op grote schaal magnetische kompassen gebruikt, hoewel ze vaak defect raakten.

De wetenschappelijke wereld blijft evenwel sceptisch aankijken tegen deze vondst van de zonnesteen. De vraag die men stelt is: waarom werden er nooit eerder zonnestenen gevonden? Le Floch verklaart dat doordat dit type calciet erg kwetsbaar is voor zuur, zeezout en warmte. Dit wetende is het extra bijzonder dat de zonnesteen in goede staat is teruggevonden, en dat na een periode van ruim vierhonderd jaar op de bodem van een bremzoute zee te hebben gelegen.
vrijdag 15 februari 2013
Fayoum: naturalistische portretten uit de Egyptische oudheid

William Flinders Petrie (1853-1942) was een Britse archeoloog en egyptoloog die in de negentiende eeuw belangrijke opgravingen deed in Egypte. In de plaats Fayoum was hij de ontdekker van een begraafplaats uit de eerste tot de derde eeuw na Christus, waar hij een grote hoeveelheid sarcofagen aantrof. Deze sarcofagen bevatten soms een in doeken gewikkeld realistisch portret van de overledene (1 of 2% van de gevonden sarcofagen). Uit onderzoek blijkt, dat deze werden geschilderd met een wastechniek, encaustiek genoemd. Daarbij smolt men bijenwas en vermengde deze substantie met o.a. pigmenten en hars.
Deze 1000 jaar oude techniek zorgde ervoor dat de pigmenten goed werden geconserveerd. Hierdoor zijn zij tot op de dag van vandaag nog steeds te bewonderen. De afgebeelde overledenen waren waarschijnlijk niet onbemiddeld en hadden behoord tot de militaire klasse, waren ambtenaren geweest of hadden een religieus ambt bekleed. Hoewel hun kleding de Romeinse mode van die tijd volgde, was hun achtergrond gemixt: zowel Romeinse, Egyptische als Griekse namen komen voor op hun sarcofagen. De meeste Fayoum-portretten laten de overledene zien op jonge leeftijd. Men vermoedde aanvankelijk dat de portretten al werden gemaakt tijdens hun leven en in hun huis neergezet, ongeveer zoals wij foto’s aan de muur hangen. Dit was wel gebruikelijk in de Griekse traditie, maar wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat men de portretten pas schilderde op het moment dat de sarcofaag werd vervaardigd. De relatieve jonge leeftijd kan duiden op de lage levensverwachting uit die tijd. Het kan echter ook een flatteuze weergave zijn van de overledene tijdens zijn of haar leven.

Portret van een vrouw uit de tweede eeuw (Louvre, Parijs)De Fayoum-portretten zijn van een enorme kunsthistorische waarde. Helaas is de verzameling gevonden portretten over de wereld verspreid, zodat een compleet overzicht ontbreekt. Maar het is fascinerend om ze eens naast elkaar te leggen en een kijkje in de Oudheid te nemen.
Op Youtube heb ik een filmpje kunnen vinden, die een aantal van die portretten de revue laat passeren. De bijpassende achtergrondtune is een reconstructie van de (religieuze?) muziek zoals die volgens een Spaanse musicoloog (Rafael Pérez Arroyo) moet hebben geklonken in de Egyptische Oudheid.
In één woord: prachtig!
Labels:
bijenwas,
Egypte,
Egyptische Oudheid,
encaustiek,
Fajoem,
Fayoum,
Petrie,
portretten,
Rafael Pérez Arroyo,
sarcofagen,
wastechniek
donderdag 31 januari 2013
Het nieuwe goud heet walviskots
Wie geluk heeft en een flinke, stinkende grijze steen aan het strand ontdekt, is in een klap van zijn financiële problemen af. Althans, als de grijze steen geen steen blijkt te zijn, maar grijze amber. Liefhebbers betalen er grif geld voor. Waarom? Het is exclusief spul, stinkt en je kunt er van alles mee.
Dit vraagt om een nadere verklaring. Het zit zo. Je hebt bruine amber en grijze amber. Bruine amber kennen we allemaal als barnsteen. Grijze amber of ambergris is minder bekend. Dit is evenals de bruine amber een product dat aan het strand te vinden is, maar is daarentegen van dierlijke oorsprong. Het is een braakbal uit de darmen van een potvis. Potvissen produceren in hun maag namelijk een speciale slijmlaag waarmee ze scherpe voorwerpen, zoals steentjes, schelpen, kalkskeletten, visgraten, enzovoorts onschadelijk maken. Eens in de zoveel tijd braken ze zo’n slijmklont uit. In reactie met het zoute zeewater versteent deze braakbal, die vervolgens soms op het strand aanspoelt. Alles fris en fruitig, maar waarom is deze bijzondere braakbal dan zoveel waard?
Grijze amber is het duurste ingrediënt van de Franse parfumindustrie. Amber stinkt verschrikkelijk, maar dat is niet de reden waarom het zo gewild is. De verklaring: goedkope parfums blijven niet plakken. Ze vervluchtigen binnen korte tijd. Precies. De braakstof is namelijk een fixeermiddel: daardoor blijft het op de huid plakken. En dat niet alleen: de parfumaroma’s klitten samen, een ideale combinatie van twee eigenschappen.
Oude amber ruikt naar muskus (ook van dierlijke oorsprong). Het is een gewilde geur bij parfummakers, reden waarom zij er hoge sommen geld voor bieden. 15 euro per gram is normaal; een gemiddelde klomp ambergris brengt dan al gauw 1500 euro op.
Ten slotte is het aardig om te weten, dat je walviskots ook als gerecht kunt eten. De Britse topkok Heston Blumenthal van The Fat Duck (zie bovenstaande foto) in het dorpje Bray in Berkshire, draait er zijn hand niet voor om. Je kunt amberkots namelijk smelten tot een chocoladeachtig goedje, het zal ongetwijfeld sterk ruiken, maar of het ook zal smaken… alleen al bij de gedachte ga ik al ehhh kotsen.
Labels:
amber,
ambergris,
braakbal,
Bray,
fixeermiddel,
grijze amber,
Heston Blumenthal,
muskus,
parfum,
parfumindustrie,
potvissen,
walviskots
zaterdag 12 januari 2013
De kinetische kunst van Zoro Feigl
De kunst van de jonge kunstenaar Zoro Feigl heeft iets onvoorspelbaars en iets moois tegelijk. Mooi is een vage term, maar als het fascineert, als je er langer dan verwacht naar blijft kijken, dan kun je het toch wel als zodanig bestempelen. Het onvoorspelbare zit 'm in het effect dat ontstaat nadat het kunstwerk gaat bewegen. Meestal mechanisch: via een elektromotor. Het onvoorspelbare element is misschien zelfs wel datgene, waardoor het kunstwerk z'n bekoring krijgt. Het onvoorspelbare ligt dus blijkbaar in het verlengde van de esthetiek.
Feigl:
Mijn werken zijn vaak groot en luidruchtige machines die niks maken. Meestal gaan ze over esthetische bewegingen. Ik houd van natuurkundige principes, maar niet om ermee te rekenen. Ik vogel een beetje uit welke variabelen van invloed zijn en ja, daarbij blaas ik wel eens een motortje op. Dat is niet zo erg: ik doe soms onverwachte ontdekkingen omdat er iets onverwachts gebeurt. En dat vind ik retespannend. Vaak wordt het werk er beter van.Vaak worden in de wetenschap precies op die manier ontdekkingen gedaan: als bij-effect van een experimentele opstelling. Wetenschap en kunst hebben allebei wel iets met dat ongrijpbare principe van de esthetiek.
Wie Feigl is, en welke werken hij recent heeft gefabriceerd, wordt duidelijk in de volgende video waarin hij zelf aan het woord komt.
Verder kun je YouTube filmpjes bekijken op zijn eigen website: ZOROFEIGL.NL
Labels:
esthetica,
esthetiek,
kinetische kunst,
kunst,
kunstwerk,
mechanisch,
onvoorspelbaarheid,
Zoro Feigl
zaterdag 27 oktober 2012
Ballet is niet alleen voor de elite
Gisteren mijn dochter en mijzelf getrakteerd op een balletvoorstelling van het Nationaal Ballet in de Stopera (Muziektheater) in Amsterdam. Ik had kaartjes besteld via internet, nog geen 30 euro p.p. voor een hele avond spektakel van de hoogste orde. Een koopje voor de liefhebber die voor mindere kwaliteit in het buitenland terecht kan voor veel meer geld. Het is bijna ongelooflijk dat je voor deze prijs een compleet orkest met 45 of meer musici krijgt voorgeschoteld, het Holland Symfonia, bovenop het wereldvermaarde balletgezelschap van zo'n 80 dansers. En dan heb ik nog niet alle technici en personeel meegerekend die achter de schermen hun vaardigheden uitoefenen.
Gelukkig zijn deze mensen niet wegbezuinigd, maar ik vraag me terdege af waar het publiek bleef want de zaal was maar voor 60 à 70% gevuld. Een nachtmerrie voor de directie van het theater en de staf, waarschijnlijk. Wat is de oorzaak dan?
Is dans niet populair, soms? Afgaande op de vele dansprogramma's op tv lijkt dat in ieder geval niet de reden. Klassiek ballet, is dat uit de mode? Het is natuurlijk moeilijk vast te stellen of dat het geval is. De een na laatste keer dat ik een balletvoorstelling bezocht, enige jaren geleden, was de voorstelling uitverkocht.
Zou het dan aan de programmering liggen? Het is een mogelijkheid. In de krant kreeg deze voorstelling: Carmen-Paquita-Bolero, 3 sterren uit 5. Geen hoge score. Het is wel een voorstelling bestaande uit 3 delen, wat inhoudt dat misschien een deel van het programma bij sommigen minder interesse zal opwekken.
Anderzijds zal de economische recessie meespelen. We zien dat echter niet in alle kunst- en cultuurevenementen terug. Wellicht dat ballet toch een soort uitgaansevenement is wat toegeschreven wordt aan de elite? TEN ONRECHTE!
Hoe het ook zij, de Spaanse voorstelling (die niet echt 100% Spaans was, overigens) was de moeite dubbel en dwars waard. Mijn dochter heeft er zelfs van genoten, en neem van mij aan, dat wil wat zeggen. Het eerste deel is de wat gedateerde Paquita van Marius Petipa, een introductie van de klassieke dans die je ogen op de kunstige hoogstandjes van de dansers gericht houdt. Dat moet ook wel, vanwege het wat saaie decor, en de dito belichting. Het tweede deel is totaal anders: de Bolero van Ravel is opzwepend, het decor is eenvoudig maar geweldig uitgelicht en de dansers zijn in optima forma, het spat allemaal van de bühne, met een daverend applaus tot gevolg. De derde ronde is weggelegd voor een wat vreemde maar verrassende Carmeninterpretatie. Het begin heeft wat weg van West Side Story, en ik meende zelfs te horen dat het orkest de begintonen hiervan door de noten van de Carmen heen speelde. Dit deel was op het eind misschien iets te lang, maar al met al verdient de voorstelling zeker een dikke 8.
Dat de programmering, de decors, de kleding of de verlichting heeft moeten inboeten vanwege de bezuinigingen is te begrijpen, aan de dansers is van schraalheid niets te zien, integendeel: zij schitterden als sterren. Nou ja, het viel wel op dat sommige danseressen wel errug mager waren (je kon de botten zien zitten), dus misschien krijgen ze wel minder salaris... Alle gekheid op een stokje: ga alsjeblieft deze voorstelling nog zien en zorg dat de zaal goed vol zit. (Tip: Als dat niet het geval blijkt, koop dan een goedkoop kaartje en wissel van plek.)
woensdag 24 oktober 2012
Ruim denken en krap wonen
Wie noodgedwongen kleinbehuisd is, zoals ik, propt zijn woonstee vast en zeker vol met zijn of haar bezittingen. Maar je kunt ook vrijwillig kleinbehuisd wonen en spaarzaam omgaan met de ruimte en spullen die je hebt. De Israëlische schrijver Etgar Keret (1967) bijvoorbeeld. Hij koos bewust om in een absurd krappe woning te wonen, en met reden. Keret heeft Poolse roots en zijn familie heeft vóór de Tweede Wereldoorlog in Warschau gewoond, niet ver van de plek waar nu zijn experimentele woonhuis staat: ingeklemd tussen de muren van twee gebouwen. Het is - puur bij toeval - op de grens waar vroeger twee ghetto's gescheiden waren door een brug.
Keret beschouwt dit huis als een soort monument voor zijn familie. Zijn ouders hebben de holocaust overleefd als enige van hun beide families. Hoewel hij er maar drie jaar gaat werken en leven, ziet hij dit kunstproject (want dat is het) als het ondergaan van een moeilijke periode uit het leven van zijn ouders.
[Het karkas van het huis in aanbouw]
Naar verluidt zou dit smalste huis ter wereld (122 cm breed - ter grootte van een klein bureau of fornuis)slechts tot doel dienen als werkruimte voor Keret, maar verkassen hoeft hij niet want het heeft een bed, een keukentje, a minitoilet en dito douche, een zitzak en een paar tafeltjes. Alle comfort van een motorjacht zal ik maar zeggen. Net als een modern jacht bestaat het huis bijna geheel uit aluminium en polycarbonaat (een soort plexiglas). De trap naar het woongedeelte is mechanisch op de trekken, zodat ongewenste indringers buiten blijven en extra ruimte wordt gecreëerd (zie onderstaande maquette). De Poolse architect Jakub Szczesny van het bureau Centrala heeft een knap staaltje werk geleverd.
Etgar Keret geniet in Nederland enigszins bekendheid vanwege zijn humoristische, absurdistische verhalen, onder de titel "Verrassing", verschenen bij uitgeverij Podium. Gezien het genre van zijn verhalen zal deze "sit-in" wellicht tot spectaculair tragikomische scènes leiden, die in een nieuw boek verwerkt worden. Dat belooft wat!
zondag 30 september 2012
Kiplekkere kunst
Ik geloof dat het kunstenaars zijn die belangrijker worden voor ons collectief bewustzijn naarmate ze meer gefocust zijn op één ding en daarin een ontwikkeling doormaken. Zulke kunstenaars worden later geciteerd als degenen die toonaangevend waren voor onze tijd. Mijns inziens is Koen Vanmechelen zo'n iemand. Deze in 1965 geboren Belg is zijn hele leven al gefascineerd door kippen. Waarom kippen? Hij beantwoordde deze vraag in een interview als volgt:
Ik was zoals elk kind gefascineerd door een specifieke diersoort, maar mijn fascinatie bleef doordat ik leerde dat je de migratie van de mens in de afgelopen millennia perfect kunt reconstrueren aan de hand van de migratie van kippenrassen. De weg van de kip is de weg van de mens.In 1998 begon Koen zijn Cosmopolitan Chicken Project, kortweg CCP. Hij werkt hierin samen met wetenschappers van diverse pluimage (sic). Meerdere universiteiten zijn nu dus bezig met onderzoek naar immuniteit van kippenrassen. Doel is het fokken van een 'kosmopolitische kip', die de genen van kippen uit de hele wereld draagt. Wat is daar het gevolg van? Door toenemende migratie en uitwisseling van genetisch materiaal zouden 'de opvallende uitwendige verschillen tussen bevolkingsgroepen progressief verdwijnen'. Het sterkste ras is een hybride ras.
Het werk van de kunstenaar roept vragen op. In onze tijd zijn de thema's globalisering, migratie en identiteit bijna dagelijkse kost. Als je nu de link tussen kip en mens legt, zouden de uiterlijke verschillen tussen mensen op den duur verdwijnen. Of dat zo leuk is, betwijfel ik. Is er een noodzaak voor multiculturaliteit? Vanmechelen zegt hierover dat je je voor evolutie moet durven openstellen. Het krampachtig dichthouden van (lands)grenzen zou funest zijn voor de menselijke soort. In genetisch opzicht lijkt dat overtuigend: immers, het doorfokken van het oerras uit het Himalayagebergte (de Gallus gallus) blijkt tot onvruchtbaarheid te leiden. Ook is bekend dat zo'n doorgefokte soort vatbaarder is voor ziekten.
Van mij mogen sommige haantjes in de politiek wel eens beter op de hoogte zijn van de genoemde wetenschappelijke feiten. Zij kakelen vaak als een kip zonder kop over 'eigen soort eerst', alsof dat zo fijn is voor ons voortbestaan. Je kunt wel roepen: "Wij willen inteelt, wij willen inteelt", maar dat houd je geen generaties lang vol.
Vanmechelen startte dit jaar (2012) zijn Open Universiteit voor Diversiteit (OpUnDi). De (OpUnDi) is bedoeld als overkoepelend geheel voor zijn projecten. Het is ook een denktank en een ontmoetingsplaats voor mensen om te debatteren over de kernthema’s in Koen Vanmechelens werk.
vrijdag 14 september 2012
De wereld vergaat... maar nu nog even niet
We leven 2012. Volgens sommigen zal de wereld nog voor Kerst ophouden te bestaan. Dat zou voorspeld zijn door de Maya’s omdat hun kalender dan stopt. Maar ja, dat is wel een beetje voorbarig, want ik heb ook een kalender en die stopt elk jaar op 31 december, en dan koop ik gewoon een nieuwe.
Ik geloof niet zo in doemdenken. Het is niet mijn ding. Zelfs niet nadat ik de verkiezingsuitslag heb bestudeerd.
Waar ik wel in geloof, dat is de wetenschap. En die voorspelt dat de aarde wellicht - ik zeg wellicht - een enorme verandering zal ondergaan. Niet in 2012, gelukkig, maar pas over 4 miljard jaar. We hebben nog even dus. Wat de NASA-mensen zeker weten is namelijk dat de Melkweg, het sterrenstelsel waar ons zonnestelsel (met de aarde) zich in bevindt, in botsing zal komen met een ander sterrenstelsel, genaamd Andromeda.
De aarde zal evenwel niet direct een enorme klap krijgen; wat wel gebeurt is dat de zon in een andere baan geraakt. Het is dus waarschijnlijk dat het leven op aarde hierdoor zal worden beïnvloed, maar op welke wijze is nog onduidelijk.
De Andromedanevel, zoals dit sterrenstelsel vroeger wel werd genoemd, komt op ons af met een snelheid van ruim 400.000 km per uur. Met die snelheid zou je de maan bereiken in slechts een uurtje. Dat lijkt supersnel, maar gezien de enorme afstand van 2,5 miljoen lichtjaren hoeven we ons dus voorlopig geen zorgen te maken. Dat de twee sterrenstelsels elkaar naderen heeft te maken met de zwaartekracht die door beide stelsels ten opzichte van elkaar wordt uitgeoefend, en met de donkere materie die hen omringt.
De Hubble ruimtetelescoop
De jongste observaties die gedaan zijn door wetenschappers met de Hubble ruimtetelescoop, zijn verwerkt in een computerprogramma die het mogelijk maakt om simulaties te maken. Zo kan men berekenen wat de effecten zouden zijn, indien deze sterrenstelsels in elkaar opgaan. Volgens een toelichting op de resultaten van die bevindingen zou het onwaarschijnlijk zijn dat de planeten in beide stelsels zullen komen te botsen. Daarvoor zouden ze te ver uit elkaar liggen. Ze zullen wel van plaats veranderen, hun banen komen anders te liggen en de aarde zou flink teruggeslingerd worden naar de buitenkant van het sterrenstelsel. Als de aarde daardoor verder van de zon af komt te staan, zullen we wellicht een extra dekentje nodig hebben, tenzij een nieuw zonnetje van de Andromedanevel een tweede kacheltje vormt. Genoeg gefantaseerd. Wie dan leeft, wie dan zorgt. Het is nog lang geen 4.000.002.012… en da's maar goed ook, want de gedachte dat ik nog minstens zoveel blogs moet schrijven zou me eigenlijk wel benauwen. Tenzij ik zou schrijven met de lichtsnelheid, uiteraard. Ik schrijf het nog een keer: GENOEG GEFANTASEERD. Oké... oké... ik stop al. Maar tegen die tijd hebben we wel robots die mijn werk overnemen!
dinsdag 11 september 2012
Poetins roestige imago
De krant “The Moscow Times” wijdde er onlangs slechts een paar regeltjes aan: de 1100 meter lange brug tussen de oostelijke havenstad van Rusland, Vladiwostok, en het tegenover gelegen eiland Russky. Vladiwostok was ooit het eindpunt van de Transsiberië Expres, die de Westerse wereld met Azië verbond. In de Sovjettijd mochten buitenlanders er niet komen, waarschijnlijk vanwege militaire geheimen van de marine.
Waarom heeft men een van de langste kabelbruggen ter wereld gebouwd voor een eilandje (Russky), waar nog geen 5000 mensen wonen?
Voor een dorp ter grootte van Grubbenvorst dat aan de rivier de Maas ligt, ga je toch ook geen megagrote brug bouwen die 1,1 miljoen dollar kost? Tja, we bevinden ons in Rusland, dat met meneer Poetin aan het roer en onder het mom de democratie aan te hangen, de Sovjet-oligarchie omarmt (oligarchie kan men ook met i-e schrijven, oliegarchie dus... want Rusland draait op haar aardoliereserves). Wat in het hoofd van president Poetin opkomt, wordt uitgevoerd. Klaar uit. Geen democratische dialoog of discussie. Het geld komt er, de president heeft gesproken.
Maar waarom denk ik dit? Er is namelijk geen feitelijk economisch belang om deze brug te bouwen. De enige reden waarom deze brug gebouwd is, is dat Moskou wil laten zien dat Rusland een moderne natie is, die grote prestaties kan leveren. Puur een reclamestunt dus. Want de brug is er gekomen vanwege de organisatie van de APEC-top, deze maand september. (APEC = Asia-Pacific Economic Cooperation, economisch forum van landen aan de Grote Oceaan)
De brug moet Rusland voorstellen als een economische grootmacht, die heel wat in de pap te brokkelen heeft tussen haar opkomende Aziatische buren.
Toen Medvedev de brug officieel opende, wuifde hij het commentaar weg van het publiek dat zich eerder kritisch had uitgelaten over de kwaliteit van de uitvoering. Een storm had eerder namelijk de weg ernaartoe gedeeltelijk weggeblazen. “Ik ben er zeker van dat de kwaliteit goed is,” probeerde Medvedev met de typische Russische overmoed, bekend van de Russische Roulette, “en waar de zaken een beetje slecht uitgevoerd zijn, zullen we er voor zorgen dat ze zorgvuldig worden hersteld, wij (Russen) kunnen dat, weet je.”
Ik las dit verhaaltje en keek naar bovenstaande foto van de Rus, die Russische roulette speelt met zijn evenwichtsorgaan. En ik zag warempel een bruin plekje op de brugboog. Tjonge, en dat in het vochtige Vladiwostok, terwijl de winter- en herfststormen nog moeten komen. Misschien dat Rusland een brug heeft willen slaan tussen de landen aan de Grote Oceaan, maar hij is nu al aan het roesten.
Wellicht symptomatisch voor het imago van Poetin?
Labels:
APEC,
imago,
Medvedev,
Poetin,
roest,
Rusland,
russen,
Sovjetrusland,
Transsiberië Expres,
USSR,
Vladiwostok
maandag 10 september 2012
Vier Dubbelgangers: bizar lastig
Het moet in een schoolklas ook geen makkie zijn om vier identieke knulletjes te onderscheiden. Als onderwijzer zou je er gek van worden. Ben jij... ? Of ben je... Zelfs als ouders er al niet meer uitkomen: het haar van de in bovenstaande foto geportretteerde vierling is geen grap. Het is een serieuze poging om ze uit elkaar te houden. Hun vader had nummer 2 al een keer gestraft voor iets wat nummer 3 had gedaan, dus... Een originele oplossing is het wel, en beter dan een tattoo op het voorhoofd of zo.
Labels:
china,
Chinees,
dubbelgangers,
haar,
haardracht,
kapper,
kruin,
stekelhaar,
tattoo,
vierling
zaterdag 8 september 2012
Mark Crilley's realisme
Mark Crilley (1965) is een Amerikaanse striptekenaar, gespecialiseerd in Manga. Zijn vrouw is een Japanse, vandaar waarschijnlijk.
Op Youtube staan instructievideo's hoe je die Mangatekeningen kan maken. Maar de leukste video's van Crilley vind ik die, waarbij hij met potlood en waterverf, stift en wat daar verder nog bij nodig is, dingen realistisch natekent/verft. Een genot om naar te kijken hoe hij schijnbaar moeiteloos de werkelijkheid nabootst.
SPEELKAART
CHAMPIGNON
Labels:
kunst,
Manga,
Mark Crilley,
realisme,
striptekenen,
tekenen
Abonneren op:
Posts (Atom)























