zaterdag 19 april 2014

FILOSOFIE VOOR PUBERS


Kinderen in de puberteit zijn nieuwsgierig. Ze willen weten wie ze zijn en wat de wereld hen te bieden heeft. Hun hersenen draaien overuren. Volwassenen die met deze adolescenten te maken hebben, ondervinden daarom vaak problemen met hen. Hun gedrag laat te wensen over vanwege de (soms erg zorgwekkende) keuzes die ze maken. Dat heeft met dat 'ontdekken' te maken. De 'nieuwe' wereld van hun generatiegenoten lijkt ineens belangrijker dan wat ze door de strot geduwd wordt vanuit de 'saaie oubollige' maatschappij en het ouderlijk gezag. Maar vlak ze niet uit, die jonge denkertjes. Ze zijn snel van begrip. Adolescenten zijn vaak vele malen creatiever, idealistischer en vindingrijker dan volwassenen. Ze hebben alleen andere prioriteiten dan hun ouders.

Filosofie geeft niet direct antwoorden op hun vragen, maar biedt hen wel een instrument om met onderzoekende blik een rustig, evenwichtig beeld te scheppen van de wereld om hen heen. Het is niet erg als je jezelf vragen stelt en zelfs niet als je maar eindeloos blijft twijfelen. Dat doen zelfs de grootste filosofen. Sterker nog, het is hun vuistregel, hun plicht!

In de afgelopen paar jaren schreef ik een boek over de beginselen van de filosofie voor deze doelgroep van adolescenten: "HET DIKKE DENKBOEK." Wat hield deze ambitieuze onderneming in? In plaats van al te moeilijke termen en begrippen te gebruiken, leek het mij zinvoller om vragen te onderzoeken die ook bij jongeren (zouden kunnen) leven.Het moest, vond ik, een boek worden om deze jongeren te prikkelen tot kritisch denken en het aangaan van dialogen. Op een onderhoudende manier, met humor en leuke anekdotes en af en toe een casus. Dat bleek geen eenvoudige opgave, maar het was wel superleuk of beter gezegd 'vet' om daarmee bezig te zijn. Eindelijk is het nu zover. Het boek is deze week (rond Pasen 2014) uitgekomen en reeds volop in de picture. Men tweet en retweet, deelt facebook-pagina's en stuurt mailtjes met felicitaties. Nu moet ook de verkoop nog goed gaan, dan komt mijn droom helemaal uit.

Filosofie heeft in Nederland een enorme belangstelling gekregen de laatste jaren en dat is ook in het buitenland opgevallen: nergens wordt zoveel gefilosofeerd als in ons land. Op middelbare scholen is het inmiddels bijna gemeengoed en er verschijnen wekelijks nieuwe titels van hedendaagse filosofen in ons taalgebied. De vraag is: hebben we hier nu wat aan, of is het niet meer dan een modeverschijnsel? Volgens mij ligt de zin van filosofieonderwijs vooral in het feit dat al op een jonge leeftijd kennis wordt bijgebracht om goed te lezen, goed na te denken en wetenschappelijk te werk te gaan. Daarmee hebben de filosofieleerlingen een streepje voor in het vervolgonderwijs en in de veeleisende maatschappij waar beslissingen moeten worden afgewogen op rationele gronden en op een wetenschappelijke manier. Maar liefst 85% van de afgestudeerde filosofiestudenten heeft binnen 1,5 jaar een baan. In deze tijd is dat niet niks: het is in ieder geval een bewijs dat filosofie als vak ten volle wordt gewaardeerd in onze maatschappij. Gelukkig maar.

Voor de kinderen zelf en voor hun verdere leven, ook al gaan ze geen filosofie studeren, is het handig om goede definities paraat te hebben van wat vrijheid nu eigenlijk inhoudt, of welke zaken meespelen in de ethiek van bijvoorbeeld het strafrecht of bij milieukwesties of in de medische zorg. Noem maar op, overal komen we dilemma's en moeilijke kwesties tegen. De maatschappij die steeds meer ruimte biedt aan het individu, zadelt hem of haar daardoor op met belangrijke kwesties waar hij of zij over na moet denken. Overheid of andere autoriteiten zoals scholen lijken hun gezag in opvoeding en guidance te zijn verloren. We moeten het voortaan zelf allemaal uitzoeken.

"Het Dikke Denkboek" kan een eerste aanzet zijn om kinderen te interesseren en enthousiast te maken voor filosofie. Dat hoop ik met hoofd en hart: er wordt tegenwoordig mede dankzij de nieuwe media zoals YouTube en vele forums erg veel onzin verkondigd. Van complottheorieën ('9-11 was opgezet door de CIA') tot ontkennende beweringen over de Holocaust, over geloofskwesties ('varkensvlees is aantoonbaar slecht voor je gezondheid') en kwakzalverij, bijgeloof, enzovoorts. Jonge mensen zijn erg beïnvloedbaar en zouden deze zaken voor lief kunnen nemen terwijl het vrij eenvoudig is om aan te tonen dat redeneringen niet kunnen kloppen en/of verifieerbaar zijn, als we maar weten welke vragen we moeten stellen en aan welke voorwaarden wetenschap en kennis moeten voldoen.

Laatst sprak ik iemand die tegen mij zei: 'Ja, het is wel leuk wat je daar vertelt, maar die wetenschap van jou kan het ook mis hebben.' Ik heb deze persoon nu mijn boek gegeven en verteld, dat als hij het helemaal uitgelezen heeft, we het er nog een keer opnieuw over zullen hebben. Misschien een beetje arrogant van me om niet uit te leggen wat de definitie van wetenschap precies is, maar ja, ik was een beetje moe van het vechten tegen de bierkaai.
Filosofie zal heus niet bij iedereen aanslaan. Het is een discipline die je moet liggen en waar je geduld voor moet hebben (zei hij, die zijn geduld had verloren). Bij het beoefenen van filosofie moet je je niet te gauw tevreden stellen met een antwoord, want juist dat is de gruwel van elke serieuze filosoof.
Voor alle duidelijkheid: ik ben geen filosoof maar een schrijver en redacteur van (o.a.) kinderboeken. Ik onderken wel de waarde van filosofieonderwijs en hoop mijn steentje op dat vlak te hebben bijgedragen. Het manuscript is bewerkt en geredigeerd door drs. Norma Montulet (filosofiestudie aan de Universiteit Nijmegen) en Fabien van der Ham, een kinderboekenschrijfster die veel op scholen werkt en die voor haar originele ideeën om met kinderen te filosoferen in 2012 de Berrie Heesenprijs ontving. Het Dikke Denkboek is te koop via boekhandel of op internet via bijvoorbeeld Libris.nl of Bol.com, Ako.nl en kost € 16,95. ISBN: 978-90-818121-2-2 De tekeningen uit het boek zijn van Sieger Zuidersma.

Er is ook een website van het Dikke Denkboek: www.hetdikkedenkboek.nl

Ik ben beschikbaar voor vragen via de mailbox van de uitgeverij: info@uitgeverijblop.nl

dinsdag 15 april 2014

De parabel van het paradijs

[op houten paneel geschilderd door Lucas Granach de Oudere (plm. 1513/1515)]

De Hof van Eden was volgens de Bijbel de perfecte en prachtige plaats waar de eerste mensen, Adam en Eva verkeerden.
Volgens het Bijbelboek Genesis, het tweede hoofdstuk, lag de hof in Eden, in het oosten. In de hof ontsprong een rivier die zich in vieren splitste, in de Pison, de Gichon, de Tigris en de Eufraat.
De referentie in de Bijbel is vrij concreet: de Tigris en Eufraat bestaan nog steeds en de stroomgebieden van deze rivieren bevinden zich tegenwoordig in Irak, Syrië en Turkije. Nu denk je bij dat gebied niet snel aan de paradijselijke begintijden van Adam en Eva. Een kleitablet in spijkerschrift dat werd gevonden in de stad Nippoer, de religieuze hoofdstad van het Soemerische rijk, verhaalt van een mythe waarin een paradijselijke land bestond waar ziekte noch dood voorkwam.
In deze mythe is ook sprake van een ‘rib’ van de watergod Enki, die beschadigd raakt maar waaruit de moedergodin van de aarde Ninhursag een godin liet voortkomen (naast nog zeven andere lichaamsdelen) om hem te genezen.
De godin die uit deze rib voortkwam heette Ninti, een naam die zich laat vertalen als ‘de dame van de rib’ maar ook als ‘de dame die leven maakt’. Deze dubbele betekenis is alleen in het Soemerisch geldig. In de taal van de Bijbel werkt zij niet. Maar als we de naam Eva vertalen, wordt de vertaling wel weer logisch, want die naam betekent eveneens ‘zij die leven maakt’. En zo is ook verklaarbaar waarom de tamelijk vreemde passage waarin Eva uit de rib van Adam geboren is, in het Bijbelverhaal is opgenomen.
Uit de Statenvertaling van de Bijbel:
[21] Toen deed de HEERE God een diepen slaap op Adam vallen, en hij sliep; en Hij nam een van zijn ribben, en sloot derzelver plaats toe met vlees.
[22] En de HEERE God bouwde de ribbe, die Hij van Adam genomen had, tot een vrouw, en Hij bracht haar tot Adam.
Dat er nog steeds mensen zijn die deze verhalen uit de Bijbel, die door vroegmiddeleeuwse geleerden en schrijvers/vertalers samengesteld zijn uit oude mythen uit het Nabije Oosten, letterlijk nemen, en deze zelfs als enige waarheid boven elke wetenschappelijke grondslag verheven achten, is voor mij een compleet raadsel. De Bijbel is een literair werk dat niet geschreven is om de teksten letterlijk te nemen. Ze staan immers vol met parabels en verwijzingen en niet met geschiedkundige feiten. Om het nog maar niet te hebben over onnauwkeurigheden in aantallen jaren, of vrije interpretaties c.q. onzorgvuldigheden van deze vroege Bijbelvertalers.
Het is uitermate interessant om de Bijbel te bestuderen en parallellen te zien met de eeuwenoude verhalen zoals het Gilgamesj epos of de Egyptische mythe van Isis en Osiris, of die met de werken van Griekse filosofen. Dat zegt wat over de rijkdom van de Bijbel en het zoeken naar wijsheid van deze vroege literatoren.
In het kleitablet van Nippoer komen trouwens ook de namen Eden en Adam voor. Adam betekent in het Soemerisch zoiets als ‘nederzetting op de vlakte’ terwijl Eden verwijst naar ‘ongecultiveerde vlakte.’

woensdag 6 november 2013

Rara, welk dier is dat?



Dit jaar (2013) is het jaar van het voorlezen. In november 2013 verscheen het bovenstaande kinderboek: 'Rara, welk dier is dat?' bij uitgeverij BLOP uit Hilversum. Het is een grappig en mooi uitgegeven voorleesboekje voor kinderen vanaf 3 jaar. De kleurrijke en cartooneske illustraties zijn van de hand van Maarten Wolterink. Het concept is dat kinderen aan de hand van versjes en plaatjes moeten raden welk dier er bedoeld wordt. De versjes zijn geschreven door Reynier Molenaar en bewerkt door Sylvia Vanden Heede, de schrijfster van dierenverhalen zoals Vos en Haas (o.a. bekroond met de Zilveren Griffel), Hond, Wolf en Kat, Hond bijt Wolf , en Koek Koek Vos en Haas.
Kinderen houden ervan om te raden. Ook vinden ze rijmpjes leuk, ze maken er zelf ook soms nog woorden bij die hetzelfde klinken. Ze bekijken de plaatjes en willen onthouden welk dier waar bijhoort. Als het verhaal uit is, vinden ze het vaak heerlijk als je het verhaal nog een keer voorleest. En nog een keer… en nog een keer. Het is een groot feest der herkenning. Eigenlijk zijn dit soort boekjes het leukst: samen lezen en praten over wat je ziet. Dieren lenen zich ook prima voor imitaties: het gegrom, gesis, geblaf doen ze maar al te graag na.
Een onderwijzeres vertelde me dat dit boekje ideaal was om in de klas te gebruiken als voorleesboek. Ik geloof het graag. De plaatjes en versjes hebben soms een lichte absurditeit, waardoor het op je lachspieren werkt, hoewel ze voor ons volwassenen logisch zijn:

bij de aap:

Ik ben handig met mijn voeten
en slinger vaardig met mijn staart
Ik heb niet jouw mooie sproeten
en ben niet zo schaars behaard

en de olifant:

Ik ben een reus met grote oren
In plaats van reuzenhanden
heb ik een lange slurf van voren
en twee lange kromme tanden




Voor wie kleine kinderen heeft, is dit een aanrader en als cadeau een gegarandeerd succes. De prijs is heel netjes voor een gebonden boek: € 16,95. Het is online te bestellen via Ako, Polare, Bruna of Bol.com of via de reguliere boekhandel. ISBN: 9789081812115.

Website: www.uitgeverijblop.nl (klik door naar Productenlijst)


zondag 15 september 2013

Alles op de fiets


Het tijdperk van de auto is voorbij. De toekomst is bepaald voor de fiets. Met een snelheid van 133,78 km per uur heb je geen motor meer nodig. Dat wil zeggen: je eigen spieren zijn voldoende. Een beetje goed eten van tevoren en een glaasje melk misschien. Sebastiaan Bowier van het Human Power Team Delft/Amsterdam heeft het bewezen: je kunt ook op pure spierkracht zo snel vooruit komen. Hij verbrak in ieder geval het wereldrecord snelfietsen en is daarmee de snelste fietser op aarde, waardig genoeg om vermeld te worden in het Guinness Book of World Records.
Het record werd bereikt op een kaarsrechte, verlaten weg in de woestijn van Nevada in de VS.
Zijn fiets, die door een team studenten van de Technische Universiteit Delft (Lucht- en Ruimtevaarttechniek) en de Vrije Universiteit Amsterdam (Bewegingswetenschappen) is ontwikkeld, ziet er een beetje raar uit. Qua vorm een beetje als een mangopit eigenlijk, lang en smal en (in tegenstelling tot een mangopit) bijzonder aerodynamisch. En met de reclame van PostNL op de voorkant van de VeloX3, want zo heet die mangopit, krijg je allerlei fantasieën over de toekomstige postbezorging.



"Vergeleken met een normale fietser heeft ons ontwerp maar één tiende van de weerstand. Ook is er gebruik gemaakt van een speciale coating van Akzo Nobel uit de Formule 1 wereld die de VeloX3 een extreem lage luchtweerstand geeft”, verklaart Wouter Lion, de teamleider van het Human Power Team.

Dat de wetenschap een duidelijke meerwaarde heeft op het gebied van sport, blijkt wel uit de computersimulaties, die onontbeerlijk bleken voor het uiteindelijke resultaat: ze lieten zien hoe hard de recordfiets bij een bepaald geleverd vermogen zou moeten gaan.

“Uit de meetresultaten van de recordpogingen eerder deze week bleek er een groot probleem te zijn met de fiets waardoor er geen hoge snelheid behaald kon worden”, vertelt Wouter Lion. De computersimulaties gaven aan dat er veel sneller gefietst had moeten worden, na een grondige analyse van de data bleek het probleem in de aerodynamica te zitten. “Tijdens het trappen in de VeloX3 blijkt de aerodynamische fiets te vervormen door de geleverde kracht”, vertelt Lion. De studenten wisten gelukkig een slimme oplossing te verzinnen waardoor gisteren uiteindelijk het probleem verholpen kon worden. Zie hier het verbluffende resultaat:

zondag 4 augustus 2013

Blokverwarming, een blok aan mijn been


Mijn energierekening van afgelopen seizoen was flink hoger. Ik moest zo’n 800 euro bijbetalen. Daar gaat de vakantie. Gelukkig is het deze zomer warm genoeg, zodat ik lekker op vakantie ga in BALKONIË. Tja, toch is het zonde van die 800 euri. Een hoge rekening is niet raar, we hadden tenslotte ook een koude winter, maar… de rekening zou een stuk lager zijn geweest als ik geen blokverwarming had gehad en de bediening van mijn verwarming meer in eigen hand zou hebben gehad. Als huurder ben je aan handen en voeten gebonden wat betreft het verwarmingssysteem.
Helaas woon ik in een huurhuis (onderdeel van kleinschalig appartementengebouw) en heb ik blokverwarming. Bij blokverwarming betaalt iedereen een bepaalde hoeveelheid (in mijn geval 35%) vaste kosten en wordt de rest van de kosten omgeslagen via de warmtemeters. In de woonkamer heb ik twee radiatoren met een behoorlijke capaciteit. Echter, deze kan ik alleen maar regelen via de radiatorknop (ik zet ‘m vaak op stand 3), ’s avonds zet ik ‘m uit, ook ’s winters. De radiatoren worden soms maar voor een deel warm, het achterste deel blijft dan kouder. Er is dus geen optimaal rendement, ook niet als ik regelmatig ontlucht.
Warmte gaat ook verloren, via de leidingen en via het ketelhuis. Omdat de ketel in de kelder van het gebouw staat, in het verre andere deel van het gebouw, zijn er woningen die extra profiteren van de stralingswarmte van het ketelhuis. Zij betalen vrijwel niets (een luttele 40 à 50 euro per maand), terwijl ik vier keer zoveel kwijt ben (ik vermeld er voor de eerlijkheid bij dat ik als een van de weinigen een groter huis heb met twee verdiepingen). Mijn woning is gelegen op het meest windgevoelige deel van het gebouw, en aan één zijde begrensd via een muur van de gevel die ongeïsoleerd is. Ik krijg dus ook te maken met een koudebrug waardoor veel warmte verloren gaat.
Het bouwjaar van mijn woning is 1975 of 1976 als ik het goed heb. Toen werd er nog gebouwd zonder isolatie of thermo beglazing. Inmiddels is er door de huurbaas wel dakisolatie en dubbel glas (helaas geen HR++ glas!) aangebracht, wat het comfort heeft verhoogd. Maar het verwarmingssysteem is ouderwets. Blokverwarming zorgt niet voor een eerlijke verdeling van kosten en voor energieverspilling. Leidingen zijn niet geïsoleerd waardoor er veel warmte verloren gaat. Aan dat warmteverlies betaal je mee via de gasrekening.
Omdat gas gekoppeld is aan de olieprijs, en de olieprijs elk jaar stijgende is, betaal je steeds meer aan verwarmingskosten. Dit is een grote zorg, vooral in de sociale huursector. Hoe moet je als je zo weinig verdient straks je huis verwarmen als de olie steeds maar schaarser wordt en dus duurder?
Een mogelijke deeloplossing zou zijn dat ieder huurhuis zijn eigen energiezuinige ketel krijgt en die megagrote radiatoren uit de jaren zeventig worden vervangen door kleinere, zuinigere. Ik durf te wedden dat Nederland nog vol staat met deze ouderwetse ketels en sterk achterhaalde verwarmingssystemen.
Het heeft zo’n 10 jaar geduurd voor de overheid om tot een Warmtewet (ingaande 1 januari 2014) te komen, die consumenten beschermt tegen te hoge tarieven voor gas, onacceptabele storingen en niet-transparante leveranciers van gas. Volgens de woordvoerder energie van de SP (Socialistische Partij) Paulus Jansen biedt deze nieuwe wet echter onvoldoende bescherming tegen te hoge energierekeningen. Dit feit is een van de redenen waarom hij minister Blok heeft voorgesteld om het Burgerlijk Wetboek zodanig aan te passen, dat verhuurders te allen tijde moeten meewerken aan het doen van rendabele investeringen in energiebesparing.
Helaas heb je als huurder geen vrije keuze als er sprake is van blokverwarming. Blokverwarming is een blok aan het been! Maar misschien brengt minister Blok hier verandering in?

zondag 5 mei 2013

De microkredieten van Máxima



Al jaren zet onze kersverse Koningin zich in voor de zogenaamde microfinanciering. Met maximale inspanningen, neem ik aan. Microfinanciering bedient zich van middelen die beschikbaar worden gesteld vanuit de bancaire wereld ten behoeve mensen die daar bij gewone banken geen toegang toe hebben. Meestal gaat het om microkredieten: relatief kleine startkapitalen en leningen voor een eigen onderneming, bedoeld voor mensen in voornamelijk ontwikkelingslanden.

Een loffelijk streven, dat alom lauweren en applaus verdient. Zo zelfs, dat Muhammad Yunus, een Bengaalse pionier in microkredieten en oprichter van Grameen Bank, hiervoor in 2006 de Nobelprijs voor de Vrede ontving.
Het zou DE oplossing voor de armoede in de wereld kunnen zijn ware het niet, dat investeerders en zelfs reguliere banken met zijn initiatief aan de haal zijn gegaan. Dit had tot gevolg dat in de laatste paar jaar wildgroei ging ontstaan in deze vorm van kredietverlening zonder dat het oorspronkelijke doel waar het om ging, bestrijden van armoede, werd bereikt. Helaas wordt de grootste groep microkredietleners er niet rijker op, en niet zelden zelfs armer.
Hoe komt dat? Dezelfde Yunus verwijt de investeerders en banken in een artikel dat twee jaar geleden in de New York Times verscheen, dat zij zich als geldwolven hebben ontpopt door hoge rentes te vragen waardoor de arme geldleners hun lening niet meer kunnen terugbetalen. Gevolg: sociale onrust, schuldgevoelens, ontwrichting van levens en zelfs nog een stuk erger. Feit: in India pleegden in 2010 maar liefst 50 vrouwen zelfmoord omdat ze niet meer wisten hoe ze hun microkredieten terug moesten betalen. Op de website van mftransparency.org (een organisatie die microfinanciering in kaart brengt)valt te lezen dat veel banken hun rentetarieven veel te hoog hebben gesteld. In sommige landen loopt de rente zelfs tot astronomische getallen op, hoewel de inflatie maar enkele procenten bedraagt. Bij de FINCA-bank in dat land kan je rekenen op een debetrente van 248 procent. Is dat nog zuivere koffie? Het hele idee van Yunus wordt hiermee niet alleen om zeep geholpen, het wekt ook nog eens de vraag wie er achter zulke kredietverstrekking schuilen. Deze maffia-achtige praktijken van kredietverlening doen eerder denken aan georganiseerde misdaad. FINCA is een Amerikaanse kredietverlener, maar in naam een non-profitorganisatie! De organisatie krijgt ook fondsengeld vanuit Nederland: o.a. Oxfam-Novib, SNS Bank en ASN.
Voor Maxima hoop ik dat zij deze problemen van commerciële besmetting op het terrein van microfinanciering kan terugdringen en het oorspronkelijke idee van Yunus, namelijk kleine leningen verstrekken aan mensen die het ook terug kunnen betalen (een principe overigens dat ook in de Westerse wereld geldt)weer onder de aandacht brengt.
Als we microfinanciering en kredietverlening in het algemeen serieus willen nemen, dienen we mijns inziens uit te gaan van een win-winsituatie tussen partners, waarbij vertrouwen het sleutelwoord is.

SMART

SMART, een initiatief van Deutsche Bank, is een organisatie die microkredietleners probeert te beschermen (vnl. via voorlichting). Bij deze organisatie sloten zich meer dan tweeduizend instellingen uit de sector zich aan. De directeur van FINCA zit in het bestuur.

woensdag 17 april 2013

Het kristal van Alderney


In een scheepswrak van een Engels oorlogsschip uit 1592 hebben duikers in het Engels Kanaal een buitengewoon object opgedoken, dat van groot historisch belang is: de legendarische zonnesteen.
Het stuk melkwitte IJslandse calciet, het kristal van Alderney genoemd naar de vindplaats (dichtbij een van de kanaaleilanden), wordt door wetenschappers verondersteld van belang te zijn geweest voor de navigatie op volle zee.
Voordat het kompas werd uitgevonden, moest men bij een bewolkte hemel of bij mist kunnen navigeren en dat was lastig als de zon niet zichtbaar was. De Vikingen en hun opvolgers uit de middeleeuwen gebruikten waarschijnlijk een zonnesteen, waarmee men de positie van de zon toch kon bepalen ondanks het feit dat de zon niet direct zichtbaar was. De steen fungeerde als een soort zonnekompas doordat hij vrij nauwkeurig de richting van de zon kon bepalen. Hij bezat namelijk de natuurlijke eigenschap om het licht te kunnen breken in lichtbundels wanneer je hem in het daglicht hield.
Er bestaat een IJslandse legende over de zonnesteen: de Noorse sage van St. Olaf. Deze 13e-eeuwse legende maakt gewag van de 11e-eeuwse koning Olaf die de zonnesteen gebruikt om de positie van de zon te peilen op een besneeuwde dag. Tot nu toe was er geen bewijs voor dat zo’n zonnesteen ooit had bestaan. Er was nooit een steen aangetroffen in Vikinggraven of gezonken Vikingschepen en was er dus geen hard bewijs die de theorie ondersteunde.
Vikingen stonden bekend als uitstekende navigators op volle zee. Zij deden dat met behulp van de zon, de sterren, de bergen en zelfs door middel van rondtrekkende walvissen. Toch hebben sommigen zich afgevraagd hoe ze in staat waren om de lange stukken open water tussen Groenland, IJsland en Newfoundland te bevaren. Albert Le Floch van de universiteit van Rennes in Frankrijk denkt nu dat het dit stuk calciet is dat hen leidde. Het gebruik kan zijn blijven bestaan tot aan de zestiende eeuw. In die tijd werden op grote schaal magnetische kompassen gebruikt, hoewel ze vaak defect raakten.

De wetenschappelijke wereld blijft evenwel sceptisch aankijken tegen deze vondst van de zonnesteen. De vraag die men stelt is: waarom werden er nooit eerder zonnestenen gevonden? Le Floch verklaart dat doordat dit type calciet erg kwetsbaar is voor zuur, zeezout en warmte. Dit wetende is het extra bijzonder dat de zonnesteen in goede staat is teruggevonden, en dat na een periode van ruim vierhonderd jaar op de bodem van een bremzoute zee te hebben gelegen.